
Nepal trekking informatie
Veelgestelde vragen

Welke trekking kies ik?
Dé manier om Nepal te leren kennen is te voet. Met 8 van de 14 hoogste bergen ter wereld en honderden trekkingsroutes is er voor iedere reiziger een passende tocht. Of je nu kiest voor een korte wandeling door de heuvels of een meerdaagse trekking naar het hart van de Himalaya, er is voor ieder wat wils!
Tijdens een meerdaagse trekking door een van de berggebieden heb je onderweg alle tijd om rustig te genieten van de uitzichten over de hoogste bergen en groene valleien. Je komt door kleine bergdorpjes waar de bevolking je uitnodigt in theehuizen en vrolijk naar je zwaait. De dorpen waar je slaapt zijn vaak niet anders bereikbaar dan te voet, auto’s en andere gemotoriseerde voertuigen zul je dus nauwelijks tegenkomen.
Maar welke Nepal trekking kies je? Het leuke van Nepal is dat er mogelijkheden zijn voor iedereen op verschillende niveaus en in verschillende gebieden. Je hoeft geen ervaren berggeit te zijn, zonder ervaring kun je al een echte trek meemaken. Om een goede keuze te kunnen maken kun je hier meer lezen over de niveaus. Ook onze Nepal reisspecialisten kunnen je hierover goed adviseren. Zij hebben zelf ook reiservaring in Nepal.
Welke trekking is geschikt voor mij?
Een lichte trekking is ideaal als je voor het eerst gaat trekken of liever niet meerdere dagen achter elkaar grote afstanden loopt. Je wandelt door bergdorpen en langs mooie uitzichten, maar de dagelijkse inspanning blijft beperkt. Zo ervaar je wel het echte trekkersgevoel, zonder dat een topconditie nodig is.
Voor een middelzware trekking is een goede basisconditie voldoende. Je wandelt gemiddeld zo’n zes uur per dag en komt onderweg regelmatig stevige stijgingen en afdalingen tegen. Een mooie combinatie van actief bezig zijn, indrukwekkende berglandschappen en kennismaken met het leven in de kleine dorpen van de Himalaya.
Een zware trekking is bedoeld voor ervaren wandelaars met een goede conditie en doorzettingsvermogen. Je wandelt meerdere dagen achter elkaar op grote hoogte, maakt flinke stijgingen en afdalingen en verblijft in eenvoudige lodges. De combinatie van lange wandeldagen, ijle lucht en wisselende weersomstandigheden maakt dit een uitdagende ervaring die niet voor iedereen geschikt is. Daar staat veel tegenover: afgelegen bergdorpen, hoge bergpassen en uitzichten die je alleen te voet bereikt.


Wanneer is de beste reistijd voor een trekking door Nepal?
De beste periode voor een trekking in Nepal is het voorjaar (februari t/m april) en het najaar (oktober en november). In deze maanden zijn de temperaturen aangenaam en is de kans op helder weer en mooie bergzichten het grootst. Het zijn daarom ook de populairste maanden om te trekken.
Tijdens het regenseizoen (juni t/m september) valt er veel neerslag. Door modderige paden en aardverschuivingen kunnen routes soms minder goed bereikbaar zijn. Voor trekkingen in de hogere berggebieden raden we deze periode daarom af.
In de winter (december t/m februari) is het rustiger op de wandelpaden en zijn de uitzichten vaak helder. Op grotere hoogte kan het wel flink afkoelen, vooral ’s nachts. Door sneeuwval kunnen sommige hoger gelegen bergpassen tijdelijk minder goed toegankelijk zijn. Vind je koudere temperaturen geen probleem en wandel je liever buiten het hoogseizoen, dan kan de winter een verrassend mooie periode zijn voor een trekking in Nepal.
De trekkingen door de Kathmandu-vallei kun je het hele jaar door doen, ook tijdens het regenseizoen. Hier valt in die periode ongeveer een derde van de neerslag ten opzichte van de rest van Nepal.
Welk gebied kies ik?
Een ander belangrijk punt om mee te nemen in je beslissing is het gebied waar je graag in wilt lopen. Nepal kent verschillende trekkingregio’s, elk met een eigen karakter. Zo bieden we trekkingen aan in de Kathmandu-vallei, het Everestgebied en het Annapurnagebied. De Kathmandu vallei ligt dicht bij de hoofdstad en combineert wandelen met cultuur. Tussen de groene heuvels liggen eeuwenoude tempels, traditionele dorpen en historische koningssteden zoals Bhaktapur en Nagarkot. Omdat de vallei op relatief lage hoogte ligt, tussen de 1.000 en 1.500 meter, is dit een toegankelijke regio voor reizigers die natuur en cultuur willen combineren.
Vanuit Pokhara bereik je een van de spectaculairste trekkingsgebieden ter wereld: het Annapurna gebergte. Hier vind je routes van verschillende niveaus. Tijdens een trekking kom je door typische bergdorpjes en heb je adembenemende uitzichten op de wit besneeuwde bergen van dit gebied.
De trekkingen in het Annapurna- en Everest gebied voeren je naar grotere hoogtes dan in de Kathmandu-vallei. Je wandelt vaak tussen de 1.500 en 4.000 meter hoogte en maakt regelmatig stevige stijgingen en afdalingen. De zwaarste trekking komt zelfs tot boven de 5.400 meter hoogte!


Wie begeleidt mij tijdens de trekking?
Tijdens de trekking loopt er constant een ervaren gids en een drager met je mee. De gids kent alle routes goed en zorgt voor alle vergunningen en reserveringen. We vinden het belangrijk dat een gids betrouwbaar is en je ook alle bergtoppen kan leren of als tolk dient als je een gesprek wilt aangaan met de lokale bevolking. Naast de gids gaat per twee personen één drager mee. Deze drager mag maximaal 20 kilo dragen. We raden je daarom aan om tijdens de trekking lichte bagage mee te nemen en zelf wat spullen in een dagrugzak mee te nemen.
Waar slaap ik tijdens een trekking?
Tijdens je trekking overnacht je in lokaal gerunde trekkerslodges, die theehuizen worden genoemd. Dit zijn eenvoudige blokhutten in Nepalese stijl met vaak een paar kamers met twee losse bedden. In de lodge is stromend water aanwezig en je kunt hier ook eten. Houdt er wel rekening mee dat er niet altijd warm water of continue stroom is. Realiseer je dat de voorzieningen hier beperkt zijn en niet altijd de kwaliteit is die je gewend bent (eten, drinken, meubilair moet ook via de trekkingroutes naar boven vervoerd worden). Dekens zijn in de lodges aanwezig, maar het is aan te raden om zelf een lakenzak en handdoek mee te nemen. Heb je het snel koud, neem dan zelf een slaapzak mee. Voor de langere trekkingen raden we aan zelf een goede, warme slaapzak mee te nemen. Slaapzakken zijn eventueel ook te huur en te koop in Pokhara en Kathmandu.
Op de populairdere trekroutes zijn de standaarden de afgelopen jaren verbeterd. Hier vind je eerder lodges met eigen badkamers, warme douches en betere isolatie.


Hoe zit het met eten en drinken tijdens een trekking?
In de trekkers lodges kun je redelijk goedkoop eten en drinken. Voor zo’n vijf euro heb je een maaltijd. De menu’s bestaan vaak uit lokale specialiteiten zoals Dahl Baht (rijst met linzen), gestoomde momo’s (soort broodje bapao) en brood. Vaak zijn er ook een aantal westerse specialiteiten te krijgen zoals tomatensoep, pizza en pannenkoeken. Overdag kun je bij een van de vele theehuizen oftewel ‘bhatti’s’ stoppen voor een kop thee of een koud colaatje. Voor onderweg kun je ook wat energierepen meenemen van thuis.
Het kraanwater in Nepal is niet drinkbaar. Flessen water zijn vrijwel overal verkrijgbaar, maar om het gebruik van plastic te beperken raden we aan een hervulbare waterfles mee te nemen. Op veel plekken kun je deze laten vullen met gezuiverd water.
Wat geef ik uit tijdens een trekking door de Himalaya?
Bij de meeste trekkingen is het ontbijt inbegrepen. Voor lunch en diner kun je terecht in de theehuizen langs de route. De maaltijden zijn eenvoudig, voedzaam en afgestemd op wandelaars. Houd daarnaast rekening met extra uitgaven, zoals drankjes, snacks, warme douches, wifi en het opladen van apparaten. De prijzen lopen op naarmate je hoger de bergen in trekt.
Het geven van fooi is niet verplicht, maar fooi voor de dragers en de gidsen is wel gebruikelijk en wordt altijd enorm op prijs gesteld. Een goede richtlijn is € 2,50 – € 5,- per dag voor de gids of drager.


Wat moet ik doen als ik last krijg van hoogteziekte?
Tijdens sommige trekkingen kom je boven de 2.500 meter. Op deze hoogte kan je lichaam anders reageren dan je gewend bent. Klachten zoals hoofdpijn, vermoeidheid, duizeligheid of kortademigheid komen regelmatig voor. Iedereen reageert anders op hoogte; ook met een goede conditie kun je last krijgen van hoogteziekte. Om de kans op klachten zo klein mogelijk te maken, zijn onze trekkingen opgebouwd met voldoende tijd om te acclimatiseren. Je stijgt geleidelijk en we plannen waar nodig extra rustdagen in.
Krijg je onderweg toch last van ernstigere klachten, dan is afdalen naar een lagere hoogte de beste oplossing. Je gids houdt je onderweg goed in de gaten en weet hoe te handelen als er klachten ontstaan. Bespreek vooraf met je huisarts of een reisarts of een trekking op grotere hoogte voor jou geschikt is.
Meer informatie over gezondheid kun je ook vinden op onze gezondheidspagina.
