Riksja Travel
Guatemala

De ideale reisroute door Guatemala

Blog

De ideale reisroute door Guatemala duurt ongeveer 2,5 tot 3 weken. In die tijd bezoek je zonder te haasten de hoogtepunten van het land: Antigua, Lake Atitlán, Semuc Champey en Tikal. Veel reizigers combineren Guatemala met Belize en Mexico, zodat ze hun reis kunnen afsluiten aan de Caribische kust. Liever alleen Guatemala ontdekken? Ook dan kun je een mooie rondreis maken langs de hoogtepunten van het land. Hieronder vind je twee routes die goed werken.

Route 1: Guatemala combineren met Belize en Mexico

Antigua → Acatenango → Lake Atitlán → Semuc Champey → Flores & Tikal → Caye Caulker → Bacalar → Cancún

Deze route is populair omdat je de mooiste plekken van Guatemala combineert met de Caribische sfeer van Belize en Mexico. Je begint tussen de vulkanen en koloniale steden en eindigt ontspannen aan zee.

Antigua: kleurrijke start van je rondreis

Bijna elke reis door Guatemala begint in Antigua. En dat is niet voor niets. De voormalige hoofdstad is een van de sfeervolste plekken van het land, met kleurrijke gevels, oude kerken en uitzicht op de omliggende vulkanen. Na aankomst vanuit Guatemala Stad is dit een fijne plek om rustig te wennen aan het ritme van het land.

Trek hier minimaal twee nachten voor uit. Overdag wandel je door het historische centrum, struin je langs de oude kloosters en ontdek je de kleine straatjes vol koffiebars en lokale winkels. Een tip van Guatemala-expert Caitlin is om ook de centrale markt van Antigua te bezoeken. Hier zie je het dagelijkse leven van de inwoners: van stapels vers fruit en kruiden tot kraampjes waar locals hun boodschappen doen. Het is een eenvoudige manier om de stad niet alleen als reiziger, maar ook een beetje door de ogen van de inwoners te leren kennen.

Ook buiten de stad is genoeg te doen. Zo kun je een koffieplantage bezoeken of alvast kennismaken met de vulkanen rondom Antigua.

Acatenango: slapen op een vulkaan

Vanuit Antigua begint een van de meest bijzondere ervaringen van Guatemala: de beklimming van de Acatenango vulkaan. In twee dagen klim je naar een kamp op grote hoogte, waar je de nacht doorbrengt met uitzicht op de actieve Fuego-vulkaan.

De tocht is pittig, met flink wat hoogtemeters en een koude nacht op de berg. Wie nog energie over heeft, kan ervoor kiezen om vanaf het basiskamp een extra hike richting de Fuego te maken. Je komt dan dichter bij de actieve vulkaan en ziet hoe de natuur hier nog volop in beweging is. “Slapen op de vulkaan is een absolute must-do voor avontuurlijke reizigers,” tipt Caitlin. “Je zit er letterlijk op de eerste rij bij een natuurspektakel.”

De volgende ochtend klim je vroeg naar de top van Acatenango om de zonsopkomst te bekijken. Na de stevige tocht van de dag ervoor is dat misschien wel het mooiste moment van de hele ervaring. Terwijl de zon boven de vulkanen verschijnt en de wolken onder je liggen, voelt alle inspanning ineens de moeite waard.

Lake Atitlán: dorpen tussen de vulkanen

Na de stadse energie van Antigua is het tijd voor de rust van Lake Atitlán, een van de bekendste plekken van Guatemala. Rond het meer liggen verschillende dorpen, elk met een eigen karakter. Je reist er makkelijk tussen met een bootje en ontdekt zo verschillende kanten van de lokale cultuur.

San Juan staat bijvoorbeeld bekend om traditionele textielkunst en lokale kunstenaars, terwijl San Marcos juist geliefd is bij reizigers die rust zoeken. Een aanrader is de zonsopkomstwandeling naar Indian Nose. De klim duurt niet lang, maar boven wacht een mooi uitzicht over het meer en de vulkanen eromheen.

Semuc Champey: de jungle in

Reizigers bij Semuc Champey

Vanaf Lake Atitlán reis je verder naar Semuc Champey. Deze plek ligt behoorlijk afgelegen, maar dat maakt de omgeving bijzonder. Na de kleurrijke dorpen en vulkanen voelt het alsof je echt de jungle in duikt.

Midden tussen de groene heuvels liggen natuurlijke kalkstenen baden met helderblauw water. Je kunt er zwemmen, wandelen naar het uitzichtpunt El Mirador of de omgeving rondom Lanquín ontdekken.

De reis naar Semuc Champey duurt lang: vanuit Lake Atitlán ben je al snel 10 tot 12 uur onderweg. Daarom raden we aan om hier minimaal twee nachten te blijven. Zo is de lange rit de moeite waard en heb je tijd om de omgeving rustig te ontdekken.

Flores en Tikal: Maya-tempels in de jungle

Verder noordwaarts reis je naar Flores, een klein eilandstadje in het Petén Itzá-meer en de uitvalsbasis voor een bezoek aan Tikal. Midden in de jungle liggen de eeuwenoude Maya-tempels verscholen tussen de bomen. Terwijl je door het complex loopt, hoor je brulapen in de verte en zie je de jungle langzaam ontwaken. Vooral Tempel IV is een bijzondere plek: vanaf de top kijk je uit over de boomtoppen en zie je pas goed hoe groot het oude Maya-rijk geweest moet zijn.

Caitlin tipt om zo vroeg mogelijk naar Tikal te gaan: “Als de nevel nog tussen de bomen hangt en de jungle langzaam wakker wordt, voelt het alsof je het park bijna voor jezelf hebt.” Voor een lokale snack tipt ze de brug in Flores: “Daar vind je straatverkopers die heerlijke, verse tostada’s maken. Simpel, maar vol smaak.”

Caye Caulker en Bacalar: afsluiten aan het water

Na Tikal kun je je reis verlengen richting de Caribische kust. Vanuit Flores reis je overland naar Belize: eerst naar de grens, daarna door naar Belize City en met de boot verder naar Caye Caulker. De reisdag duurt ongeveer 6 tot 8 uur, maar de overgang is groot: de jungle van Guatemala maakt plaats voor de relaxte eilandsfeer van Belize.

Caye Caulker is een fijne plek om even gas terug te nemen. Het eiland is klein, autovrij en leeft volgens één motto: “Go slow.” Guatemala-expert Caitlin vond dit zelf een van de fijnste stops van haar reis: “Na alle avonturen in Guatemala was dit precies wat we even nodig hadden.”

Vanaf Caye Caulker reis je verder naar Mexico. Met de boot ga je terug naar het vasteland van Belize, waarna je via de grens bij Chetumal doorreist naar Bacalar. Na ongeveer 5 tot 6 uur kom je aan bij de Laguna Bacalar, een groot meer dat bekendstaat om het helderblauwe water en de verschillende tinten blauw.

Afhankelijk van je vliegtijden kun je nog een laatste nacht in Playa del Carmen of Cancún overnachten voor je terugvliegt. Waar je reis begon met koloniale steden, vulkanen en Maya-tempels, sluit je af met een paar dagen ontspannen aan het water.

Route 2: een rondreis door Guatemala zelf

Wil je Guatemala volledig ontdekken zonder door te reizen naar Belize en Mexico? Dan kun je een mooie ronde maken langs de oost- en westkant van het land.

Antigua → Rio Dulce → Flores & Tikal → Semuc Champey → Lake Atitlán → El Paredón → Antigua

Deze route is interessant voor reizigers die meer tijd willen doorbrengen in Guatemala zelf en verschillende landschappen willen combineren.

Rio Dulce en Livingston: de tropische oostkant

Vanaf Antigua reis je richting de Caribische kant van Guatemala, naar Rio Dulce. Hier ziet Guatemala er ineens heel anders uit: geen vulkanen en bergdorpen, maar een groene rivier vol mangroves, vogels en tropische natuur. Een boottocht over de rivier naar Livingston is een mooie toevoeging aan je route. Dit kustplaatsje heeft een eigen karakter dankzij de Garifuna-cultuur, met Caribische muziek, kleurrijke huizen en gerechten zoals tapado, een lokale vissoep.

El Paredón: afsluiten aan de Pacifische kust

Na alle vulkanen, jungle en Maya-tempels is El Paredón een fijne plek om je reis in een ander tempo af te sluiten. Dit kleine surfdorp aan de Pacifische kust voelt heel anders dan de rest van Guatemala: geen kleurrijke koloniale straten of bergdorpen, maar zwart vulkanisch zand, palmbomen en een relaxte sfeer.

Overdag kun je een surfles nemen, een boottocht maken door de mangroves op zoek naar vogels en schildpadden, of gewoon met je voeten in het zand genieten van de golven. Vooral de zonsondergangen aan de Pacifische kust zijn een mooie afsluiting van je reis.

Veelgestelde vragen

Nog meer inspiratie opdoen? Lees meer reisblogs:

world

Bekijk onze bouwstenen en rondreizen

world